https://studiegids.vu.nl/en/courses/2025-2026/L_NCMASEVSCRDe student laat in de Masterscriptie zien dat hij/zij in het bezit is van kennis, inzicht en vaardigheden met betrekking tot het vakgebied Schrijven en Vertalen, toegespitst op het accent Vertalen of het accent Schrijven. Deze vakkennis is ingebed in een breed cultureel en/of maatschappelijk kader. Ook bezit de student theoretische en methodische inzichten op het vakgebied en kan hij/zij deze inzichten zelfstandig toepassen. De student laat zien in staat te zijn volgens wetenschappelijke normen onderzoek te doen en een eigen visie op het bestudeerde materiaal te ontwikkelen. Van de student wordt verwacht dat hij/zij kan bijdragen aan het genereren van nieuwe wetenschappelijke inzichten en dat hij/zij in staat is om zelfstandig onderzoek uit te voeren. De student is in staat hierover zelfstandig een wetenschappelijk verslag te schrijven dat voldoet aan de conventies van de opleiding.In de masterscriptie schrijven de studenten een afsluitend onderzoeksverslag over een thema uit het domein Vertalen of Schrijven. Op basis van een analyse van recente literatuur met betrekking tot het gekozen thema, wordt een probleemstelling geformuleerd, en een onderzoek opgezet, uitgevoerd en gerapporteerd. Het thema kan desgewenst gekozen worden naar aanleiding van de stage.Individueel traject of scriptiegroep, onder begeleiding van een of meerdere scriptiebegeleiders.Beoordeling van de eindversie van de scriptie, door begeleider en tweede lezer. Beide docenten vullen een beoordelingsformulier in en geven een cijfer. Doorgaans is het gemiddelde van die cijfers het eindcijfer. Zie ook de facultaire scriptieregeling en de MA CIW scriptiehandleiding.Zelf door de student te zoeken, in overleg met de begeleidend docent.Masterstudenten CIW: Schrijven & Vertalen.Studenten die aan hun MA-scriptie willen beginnen, dienen aanwezig te zijn bij de MA-scriptievoorlichtingsbijeenkomst die wordt georganiseerd in het eerste semester.Je moet in het eerste semester alle vakken gevolgd hebben (30 ec), en de verplichte vakken uit periode 1 ook daadwerkelijk met een voldoende resultaat hebben afgerond. Voor studenten Schrijven zijn dat Communication design in Society en Narrativiteit (6 ec elk). Voor studenten Vertalen zijn dat Communication Design in Society (6 ec), Vertalen Engels-Nederlands 1 (3 ec) en Introduction to translation studies (3 ec).