Abstract
Op 19 juni 2023 besliste de ABRvS dat de belastende bevoegdheid om met een simultaan gehoor een eventuele schijnrelatie te onderzoeken, wettelijke grondslag miste. Daardoor kon de IND geen simultane gehoren meer afnemen en was bewijs verkregen uit simultane gehoren onrechtmatig geworden. Inmiddels is de bevoegdheid voor dat nader gehoor opgenomen in het Vreemdelingenbesluit. Nina Fokkink bespreekt de keuze om de bevoegdheidsgrondslag op te nemen in lagere regelgeving en analyseert de uitwerking van het concept ‘gegronde vermoedens’ en de vormgeving van het nader onderzoek. Die kunnen beter, is haar conclusie.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Article number | ve24001817 |
| Pages (from-to) | 336-341 |
| Number of pages | 6 |
| Journal | Asiel&Migrantenrecht |
| Volume | 2024 |
| Issue number | 7 |
| Publication status | Published - 20 Aug 2024 |