Organisatiecontinuïteit en de jaarrekening

Research output: Contribution to JournalArticleProfessional

Abstract

In dit artikel wordt stilgestaan bij de informatieverschaffing over continuïteit in de jaarrekening en het bestuursverslag en de rol van de accountant daarbij. Het continuïteitsbeginsel is het uitgangspunt bij het opstellen van de jaarrekening en pas als sprake is van een ernstige onzekerheid over de continuïteit bestaat op basis van de richtlijnen voor de jaarverslaggeving een verplichting om een specifieke toelichting op te nemen. De controlestandaarden vereisen opname van een afzonderlijke passage over continuïteit in de controleverklaring als sprake is van een materiële onzekerheid.
Die situatie doet geen recht aan de genuanceerde werkelijkheid waarbij iedere onderneming in meer of mindere mate te maken heeft met risico’s ten aanzien van de continuïteit op kortere of langere termijn. Bovendien geeft de financiële informatie niet altijd een goed beeld van de prestaties van een organisatie. Bijvoorbeeld indien een organisatie investeert in of beschikt over immateriële activa die niet worden geactiveerd op de balans. Genuanceerde oordeelsvorming door gebruikers over de houdbaarheid van het bedrijfsmodel van een organisatie vereist in veel gevallen goede niet-financiële informatie. Daarnaast is het wenselijk dat iedere organisatie in een toekomstbestendigheidsparagraaf ingaat op de risico’s voor de continuïteit op korte én lange termijn. Ook is het wenselijk dat meer duidelijkheid wordt verschaft over de rol van de accountant bij deze informatie.
Ten slotte moet informatie die van belang is voor de oordeelsvorming over de continuïteit en continuïteitsrisico’s toegankelijk en tijdig beschikbaar zijn. De huidige situatie waarin ondernemingen niet verplicht zijn om het bestuursverslag te deponeren bij de Kamer van Koophandel en veel organisaties gebruikmaken van de mogelijkheid om op grond van bijzondere omstandigheden tot twaalf maanden de tijd te nemen voordat de informatie wordt gedeponeerd draagt niet bij aan goede oordeelsvorming van gebruikers over de continuïteitsrisico’s bij een organisatie.
Original languageDutch
Article number2019/39
Pages (from-to)215-220
Number of pages6
JournalTijdschrift voor Ondernemingsrecht
Volume2019
Issue number4
Publication statusPublished - 19 Mar 2019

Cite this

@article{6d8645b27c9a4b1fb6b16e58f4760403,
title = "Organisatiecontinu{\"i}teit en de jaarrekening",
abstract = "In dit artikel wordt stilgestaan bij de informatieverschaffing over continu{\"i}teit in de jaarrekening en het bestuursverslag en de rol van de accountant daarbij. Het continu{\"i}teitsbeginsel is het uitgangspunt bij het opstellen van de jaarrekening en pas als sprake is van een ernstige onzekerheid over de continu{\"i}teit bestaat op basis van de richtlijnen voor de jaarverslaggeving een verplichting om een specifieke toelichting op te nemen. De controlestandaarden vereisen opname van een afzonderlijke passage over continu{\"i}teit in de controleverklaring als sprake is van een materi{\"e}le onzekerheid.Die situatie doet geen recht aan de genuanceerde werkelijkheid waarbij iedere onderneming in meer of mindere mate te maken heeft met risico’s ten aanzien van de continu{\"i}teit op kortere of langere termijn. Bovendien geeft de financi{\"e}le informatie niet altijd een goed beeld van de prestaties van een organisatie. Bijvoorbeeld indien een organisatie investeert in of beschikt over immateri{\"e}le activa die niet worden geactiveerd op de balans. Genuanceerde oordeelsvorming door gebruikers over de houdbaarheid van het bedrijfsmodel van een organisatie vereist in veel gevallen goede niet-financi{\"e}le informatie. Daarnaast is het wenselijk dat iedere organisatie in een toekomstbestendigheidsparagraaf ingaat op de risico’s voor de continu{\"i}teit op korte {\'e}n lange termijn. Ook is het wenselijk dat meer duidelijkheid wordt verschaft over de rol van de accountant bij deze informatie.Ten slotte moet informatie die van belang is voor de oordeelsvorming over de continu{\"i}teit en continu{\"i}teitsrisico’s toegankelijk en tijdig beschikbaar zijn. De huidige situatie waarin ondernemingen niet verplicht zijn om het bestuursverslag te deponeren bij de Kamer van Koophandel en veel organisaties gebruikmaken van de mogelijkheid om op grond van bijzondere omstandigheden tot twaalf maanden de tijd te nemen voordat de informatie wordt gedeponeerd draagt niet bij aan goede oordeelsvorming van gebruikers over de continu{\"i}teitsrisico’s bij een organisatie.",
author = "A.J. Brouwer",
year = "2019",
month = "3",
day = "19",
language = "Dutch",
volume = "2019",
pages = "215--220",
journal = "Tijdschrift voor Ondernemingsrecht",
number = "4",

}

Organisatiecontinuïteit en de jaarrekening. / Brouwer, A.J.

In: Tijdschrift voor Ondernemingsrecht, Vol. 2019, No. 4, 2019/39, 19.03.2019, p. 215-220.

Research output: Contribution to JournalArticleProfessional

TY - JOUR

T1 - Organisatiecontinuïteit en de jaarrekening

AU - Brouwer, A.J.

PY - 2019/3/19

Y1 - 2019/3/19

N2 - In dit artikel wordt stilgestaan bij de informatieverschaffing over continuïteit in de jaarrekening en het bestuursverslag en de rol van de accountant daarbij. Het continuïteitsbeginsel is het uitgangspunt bij het opstellen van de jaarrekening en pas als sprake is van een ernstige onzekerheid over de continuïteit bestaat op basis van de richtlijnen voor de jaarverslaggeving een verplichting om een specifieke toelichting op te nemen. De controlestandaarden vereisen opname van een afzonderlijke passage over continuïteit in de controleverklaring als sprake is van een materiële onzekerheid.Die situatie doet geen recht aan de genuanceerde werkelijkheid waarbij iedere onderneming in meer of mindere mate te maken heeft met risico’s ten aanzien van de continuïteit op kortere of langere termijn. Bovendien geeft de financiële informatie niet altijd een goed beeld van de prestaties van een organisatie. Bijvoorbeeld indien een organisatie investeert in of beschikt over immateriële activa die niet worden geactiveerd op de balans. Genuanceerde oordeelsvorming door gebruikers over de houdbaarheid van het bedrijfsmodel van een organisatie vereist in veel gevallen goede niet-financiële informatie. Daarnaast is het wenselijk dat iedere organisatie in een toekomstbestendigheidsparagraaf ingaat op de risico’s voor de continuïteit op korte én lange termijn. Ook is het wenselijk dat meer duidelijkheid wordt verschaft over de rol van de accountant bij deze informatie.Ten slotte moet informatie die van belang is voor de oordeelsvorming over de continuïteit en continuïteitsrisico’s toegankelijk en tijdig beschikbaar zijn. De huidige situatie waarin ondernemingen niet verplicht zijn om het bestuursverslag te deponeren bij de Kamer van Koophandel en veel organisaties gebruikmaken van de mogelijkheid om op grond van bijzondere omstandigheden tot twaalf maanden de tijd te nemen voordat de informatie wordt gedeponeerd draagt niet bij aan goede oordeelsvorming van gebruikers over de continuïteitsrisico’s bij een organisatie.

AB - In dit artikel wordt stilgestaan bij de informatieverschaffing over continuïteit in de jaarrekening en het bestuursverslag en de rol van de accountant daarbij. Het continuïteitsbeginsel is het uitgangspunt bij het opstellen van de jaarrekening en pas als sprake is van een ernstige onzekerheid over de continuïteit bestaat op basis van de richtlijnen voor de jaarverslaggeving een verplichting om een specifieke toelichting op te nemen. De controlestandaarden vereisen opname van een afzonderlijke passage over continuïteit in de controleverklaring als sprake is van een materiële onzekerheid.Die situatie doet geen recht aan de genuanceerde werkelijkheid waarbij iedere onderneming in meer of mindere mate te maken heeft met risico’s ten aanzien van de continuïteit op kortere of langere termijn. Bovendien geeft de financiële informatie niet altijd een goed beeld van de prestaties van een organisatie. Bijvoorbeeld indien een organisatie investeert in of beschikt over immateriële activa die niet worden geactiveerd op de balans. Genuanceerde oordeelsvorming door gebruikers over de houdbaarheid van het bedrijfsmodel van een organisatie vereist in veel gevallen goede niet-financiële informatie. Daarnaast is het wenselijk dat iedere organisatie in een toekomstbestendigheidsparagraaf ingaat op de risico’s voor de continuïteit op korte én lange termijn. Ook is het wenselijk dat meer duidelijkheid wordt verschaft over de rol van de accountant bij deze informatie.Ten slotte moet informatie die van belang is voor de oordeelsvorming over de continuïteit en continuïteitsrisico’s toegankelijk en tijdig beschikbaar zijn. De huidige situatie waarin ondernemingen niet verplicht zijn om het bestuursverslag te deponeren bij de Kamer van Koophandel en veel organisaties gebruikmaken van de mogelijkheid om op grond van bijzondere omstandigheden tot twaalf maanden de tijd te nemen voordat de informatie wordt gedeponeerd draagt niet bij aan goede oordeelsvorming van gebruikers over de continuïteitsrisico’s bij een organisatie.

UR - https://www.ondernemingsrecht.nl/samenvattingen.html

M3 - Article

VL - 2019

SP - 215

EP - 220

JO - Tijdschrift voor Ondernemingsrecht

JF - Tijdschrift voor Ondernemingsrecht

IS - 4

M1 - 2019/39

ER -