Vorstelijke smaak en vorstelijk verlies. De paleisbouw van Willem II en Anna Paulowna in Brussel en Den Haag

Research output: Chapter in Book / Report / Conference proceedingChapterAcademicpeer-review

29 Downloads (Pure)

Abstract

Koning Willem II was niet alleen een liefhebber van architectuur, hij was er ook van overtuigd dat bij zijn rol als koning een residentie paste met een grootsere allure dan het traditionele stadspaleis van zijn voorouders. Hij had een uitgesproken smaak, die vooral was gevormd tijdens zijn verblijf in Oxford. Willem ontwikkelde een bouwprogramma om van het gebied tussen de Noordzeekust en het Noordeinde in Den Haag een Residenzschloss te maken. Hij verwierf de grond en liet ontwerpen maken, die waren geïnspireerd op Europese voorbeelden. De uitvoering is door geldgebrek en door zijn vroege overlijden niet verder gekomen dan een manege aan een straat in ‘Oxfordstijl’. Achter zijn woonpaleis aan de Kneuterdijk ontwierp hij zelf gebouwen die met uitzondering van de Gotische Zaal de tand des tijds niet hebben doorstaan. Het enige Nederlandse paleis dat aan de bouwdrift van de koning herinnert is het huidige gemeentehuis van Tilburg.
Original languageDutch
Title of host publicationWillem II. De koning en de kunst
EditorsS. Paarlberg, H. Slechte
Place of PublicationZwolle
PublisherWBOOKS
Pages126-141
Number of pages17
ISBN (Print)9789462580190
Publication statusPublished - 2014

Bibliographical note

Catalogus verschenen bijj de tentoonstelling 'Willem II & Anna Pavlovna. Royal Splendour at the Dutch Court' (Staatsmuseum De Hermitage, St.Petersburg, 24 sept. 2013-19 jan. 2014),
'Wilem II - Kunstkoning' (Dordrechts museum, Dordrecht 5 maart-15 juni 2014) en
'Une Passion royale pour l'art: Guillaume II des Pays-Bas et Anna Pavlovna' (Villa Vauban - Museée d'Art de la Ville de Luxembourg, 12 juli-12 okt. 2014), in Nederlandse, Russische en Franse vertaling.
Ned. catalogustekst (15 pp + 2 pp. eindnoten)
Gebeurtenis: Exhibition 'Willem II - Kunstkoning', Dordrechts Museum, 5 March-15 June 2014

Cite this